WAB: payroll

In deze blog staat het onderwerp payroll centraal. Zoals eerder is aangegeven, is op 1 januari 2020 de Wet arbeidsmarkt in balans (hierna: WAB) in werking getreden. Met de inwerkingtreding van de WAB op 1 januari 2020 krijgen payrollwerknemers dezelfde rechtspositie en arbeidsvoorwaarden als werknemers met een arbeidsovereenkomst.

Wat is Payroll

Payrolling kan een manier zijn om de administratieve kant van een dienstverband, zoals de loonbetalingen, de afdrachten van premies en het contractbeheer, uit te besteden. Dit is meteen het grootste verschil tussen payrolling en het uitbesteden van je salarisadministratie. Bij laatstgenoemde blijf je namelijk nog wel gewoon juridisch werkgever.

De huidige payrollovereenkomst

Voor de WAB werd geen onderscheid gemaakt tussen payrollovereenkomsten en uitzendovereenkomsten. Hierdoor was het zogenoemde ‘verlichte arbeidsrechtregime’ van artikel 7:691 BW op beide overeenkomsten van toepassing. Het lichte arbeidsrechtelijke regime houdt in dat:

• de payrollwerkgever gebruik kan maken van het uitzendbeding. Dit beding regelt dat de uitzendovereenkomst van rechtswege eindigt als de opdrachtgever de overeenkomst met het payrollbedrijf beëindigt. Het gebruik van een dergelijk beding is beperkt tot 26 weken. Bij cao kan deze periode worden verlengd tot maximaal 78 weken;

• de ketenbepaling pas van toepassing is na 26 weken. Ook deze periode kan bij cao worden verlengd tot ten hoogste 78 weken;

• het aantal schakels in de keten als ook de maximale duur van een keten, kan ook bij cao worden verlengd;

• ook de verplichting om het loon door te betalen als het werk niet verricht kan worden door omstandigheden die in de risicosfeer van de werkgever liggen, is voor de eerste 26 weken uitgesloten en kan bij cao worden verlengd tot 78 weken).

Sinds de WAB

De WAB geeft immers een nieuwe definitie aan de payrollovereenkomst. De definitie van een payrollovereenkomst wordt onder de WAB opgenomen in het nieuwe artikel 7:692 BW en luidt als volgt:

Een payrollovereenkomst is een uitzendovereenkomst, waarbij de overeenkomst van opdracht tussen de werkgever en de derde, die niet tot stand is gekomen in het kader van het samenbrengen van vraag en aanbod op de arbeidsmarkt en waarbij degene die de arbeidskracht ter beschikking stelt alleen met toestemming van de opdrachtgever bevoegd is de arbeidskracht aan een ander ter beschikking te stellen.

Uit de definitie volgt dat de payrollovereenkomst wordt gekenmerkt door een overeenkomst die:

(a.) niet tot stand is gekomen tussen werkgever en de derde in het kader van het samenbrengen van vraag en aanbod van tijdelijke arbeid op de arbeidsmarkt (allocatiefunctie); en

(b.) waarbij de payrollwerkgever alleen met toestemming van de materieel werkgever bevoegd is de werknemer aan een ander ter beschikking te stellen (exclusieve terbeschikkingstelling).

Overgangsrecht

De regels ten aanzien van payrolling hebben in beginsel onmiddellijke werking. Op grond van het overgangsrecht blijft het oude recht ten aanzien van de ketenregeling van toepassing op tijdelijke arbeidsovereenkomsten in het kader van payrolling die zijn afgesloten vóór 1 januari 2020.

Dit is om te voorkomen dat een lopende tijdelijke arbeidsovereenkomst, dat onder de definitie van payroll valt, een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde tijd wordt. Daarnaast voorkomt het overgangsrecht dat op een dergelijke lopende tijdelijke arbeidsovereenkomst, de ketenbepaling van toepassing wordt, terwijl dat op grond van het huidige art. 7:691 BW niet het geval was.

Vragen?

Wilt u meer informatie over de nieuwe regels m.b.t. de WAB en payroll of heeft u een specifieke vraag? Neem dan vrijblijvend contact met ons op via info@burobestuursrecht.nl of per telefoon: 020 4121904.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *